De grijze garnaal (crangon crangon) is een klein grijs schaaldier. De diertjes worden tussen de vijf en negen centimeter lang en leven in zee, hoewel ze ook in zoetwater kunnen overleven. Ze leven dicht bij de kust op de bodem van de zee, waar ze zich in het zand kunnen verschuilen tegen vijanden. In Nederland vindt de garnalenvisserij plaats langs de Noordzeekust en in de Waddenzee. De Waddenzee, een Europees beschermd mariene gebied, is hiervoor het belangrijkste gebied en hier wordt dan ook gedurende het hele jaar naar garnalen gevist.

De internationale waddenvloot telt ongeveer 500 schepen, die jaarlijks ongeveer 14.000 ton garnalen uit de zee halen. In de garnalenvisserij worden schepen (kotters) van 18-24 meter lang gebruikt. Aan deze kotters zijn twee ‘garnalenkorren’ bevestigd, één aan weerszijden van het schip. Deze trechtervormige sleepnetten worden voortgesleept door het schip en ze worden opengehouden door een boom die aan de voorkant van het net is bevestigd. De maximale lengte van deze boom is negen meter. Doordat de onderzijde van het net langer is dan de boom die het net openhoudt, sleept het net in een boog achter de boom aan. Aan de onderkant van de netten zijn rubberen klossen bevestigd, die over de bodem rollen om de garnalen op te schrikken. Hierdoor springen de dieren op en komen ze terecht in het net. De vangst verzamelt zich in het uiteinde van de trechter, wat de ‘kuil’ wordt genoemd. Het gebruik van rollen in plaats van kettingen zorgt er tevens voor dat de zeebodem nauwelijks wordt aangetast. De rollen gaan immers over het zand in plaats van er doorheen. Na de vangst worden de garnalen aan boord gekookt, alvorens ze gekoeld verpakt worden om later afgezet te worden op één van de acht visafslagen in Nederland.

Er wordt hard gewerkt aan een duurzaamheidskeurmerk (MSC) voor deze tak van visserij, waarmee aangetoond kan worden dat garnalen op een verantwoorde manier worden gevangen. Dit keurmerk mag alleen worden gebruikt door hiervoor gecertificeerde visserijen. Om gecertificeerd te worden moeten er echter nog verschillende veranderingen plaatsvinden in de sector, zoals het minimaliseren van de schade aan de natuur en het beter organiseren van de markt. Pas als dit is geregeld komen de visserijen in aanmerking voor het keurmerk.